Bijgevoegd
een kort verslagje van mijn ervaringen in La Marmotte. I
La
Marmotte: de voorbereiding
Op 02 juli
zijn wij aangekomen in Bourg d'Oissans. Deze week heb ik gebruikt om mij
voor te bereiden op La Marmotte (zaterdag 08 juli). In dit voorprogramma
waren bekimmingen van de col d'Ornon en de Sarenne opgenomen om aan het
klimmen in echte bergen te wennen. Het bleek noodzakelijk nog een CW
(Constructie Wijziging) aan de fiets uit te voeren: het grootste
tandwiel achter (25) heb ik vervangen door een 26. Hiermee bereikte ik
een kleinste verzet van 39 x 26.
Het aantal
trainingskilometers in deze laatste week heb ik bewust gering gehouden
om de spieren te sparen. De algehele conditie van mijzelf vond ik goed.
La
Marmotte: de Glandon
Op zaterdag
08 juli was het dan zover. Na een chaotische verzameling in de
startvakken vertrok ik vanuit het derde startvak -ik had nummer 2559- na
de echte wedstrijdrijders ongeveer 15 minuten te laat. Het eerste
traject naar de voet van de Glandon ging erg snel, doch dit merkte je
niet. De beklimming van de Glandon heb ik meestal met het verzet 39 x 26
gereden. Natuurlijk put zo'n bult je wat uit, maar ik kwam toch redelijk
goed boven. Volgens het tijdschema, dat een eindtijd zou opleveren van
9:36 lag ik inmiddels 20 minuten voor. Dit gaf de burger moed. Op de
Glandon was de bevoorrading. Dit liep helemaal verkeerd. Veel te veel
fietsers en veel te weinig uitdelers en plaats om de ravitaillering goed
te laten verlopen. Ik besloot om niets te nemen om het tijdverlies te
beperken. Ik had genoeg eten en drinken bij. De fiets opgetild en via de
berm naar voren gewrongen. Dit ging niet snel en kostte veel tijd. Toen
ik weer terug kon keren naar de verharde weg, werd er gemeld dat er een
zwaar ongeval was gebeurd en dat verder rijden niet meer kon. Toch maar
weer gaan wringen om vooraan te geraken want de zo mooi opgebouwde
voordelige marge t.o.v. het tijdschema was inmiddels geslonken. Op een
gegeven moment stond ik toch op de eerste rij, maar een cordon van
politieagenten stond verder rijden niet toe.
De
lekke band
Eindelijk
mocht er toch een groepje vertrekken. Ons werd op het hart gedrukt
langzaam te rijden, want de ambulances stonden nog op de weg. Na twee
bochten zag ik de slachtoffers liggen: twee man op de weg en twee in de
ambulances. Veel bloed op de weg. Dan moet je toch even slikken en vraag
je je af, hoe dat gekomen is en prijs je jezelf gelukkig, dat dit jou
niet overkomen is. Maar goed, twee bochten later ben je dit weer
helemaal vergeten en raas je met een tiental renners de hellingen van de
Glandon af. Weer een stuurfout van iemand voor mij, die zo het hekwerk
in knalt. Zijn fiets vliegt hoog door de lucht. Iemand van de
organisatie ontfermt zich over de ongelukkige. Kort voor ik de voet van
de Glandon bereik, begint de Pinarello te slingeren. Oorzaak is een
langzaam leeglopende achterband. Ik weet, dat direct wisselen onmogelijk
is, vanwege de hoge temperatuur van de velg, dus voorzichtig doorrrijden.
Vijf kilometer verder moet ik echt aan de kant. De binnenband zat zowat
aan de buitenband vastgesmolten. Met geweld er uit getrokken, een nieuwe
binnenband er in en met de minipomp opgepompt. Hiermee haal ik ongeveer
vier bar, dus ik moest nog wel iemand met een grote pomp zien te vinden.
Een banaantje eten en weer en route.
De
Telegraph en de Calibier
Het
verbaasde mij, dat er geen rennners meer waren gepasseerd. Ik zit toch
nog wel op de goede route? Luttele kilometers verder staan twee dames op
hun mannen te wachten. Gelukkig bevatte de inhoud van de kofferbak van
de Volvo 740 een geweldige hoge drukpomp. Band op 8 bar gezet en
fietsen...nog steeds alleen. Achteromkijkend zag ik een renner aankomen.
Ik hield wat in, zodat we in ieder geval samen konden rijden op het
saaie vlakke stuk van de voet van de Glandon naar de Telegraph. Op dit
stuk hebben wij nog een paar renners ingehaald, maar niemand sloot zich
bij ons aan. Dit gebeurde pas aan de voet van de Telegraph. Halverwege
deze klim liet ik mij maatje gaan, om mezelf niet over de kop te rijden.
Bij de ravitaillering veel eten naar binnen gepropt en de zakken van het
shirt weer gevuld. Dit was een minimaal oponthoud. Afdalen naar de
verschrikkelijk Calibier. Na enige kilometers klimmen begon ik de
mogelijkheid om kleiner te kunnen rijden dan 39 x 26 erg te missen.
Jaloers keek ik naar degenen, die mij schijnbaar moeiteloos peddelend op
39 x 29 (of nog kleiner ingeval van een tripletje) voorbij reden. Door
geweldige inspanningen te leveren was ik in staat om te blijven rijden
op de Calibier. Bovenop de top wat gegeten, het windjack aan en naar
beneden rijden. De achterstand op het tijdschema bedroeg hier slechts 1
minuut en 30 seconden. Toch kreeg ik hier al het voorgevoel, dat ik goud
niet ging halen. Ik had veel geinvesteerd in de beklimming van de
Galibier!
De afdeling
heb ik grotendeels solo gedaan. Na zes kilometer haalde ik een jongedame
in, waar ik even bij ben gebleven. Zij daalde echter beduidend minder
snel, dodat ik weer alleen reed. In La Grave heb ik mijn windjack
uitgedaan. Tijdens deze stilstand kreeg ik geweldige kramp in mijn
linker been. Tjakkes, wat deed dat pijn! Gelukkig kon ik ondanks deze
pijn redelijk snel weer op de fiets stappen en verder rijden. Kort na
vertrek werd ik ingehaald door de jongedame, die ik in de afdaling
voorbij gereden was. Direct achter haar reden vier jonge adonissen uit
Frankrijk, die hun kunsten op de fiets wel aan haar wilde tonen. Ze
passeerden ons en voerden het tempo op. "Hier gaan wij van profiteren"
riep ik naar haar. Zij glimlachte begrijpend. De vier voor ons sloofden
zich geweldig uit. Het groepje van zes groeide aan tot een pelotonnetje
van 15 renners. De twee korte trajecten vals plat omhoog bleken voor de
haantjes voorop toch behoorlijke breekpunten, maar wij namen niet
over. Met 50 in het uur reden we door de donkere tunnels naar de voet
van de Alpe d'Huez.
De
Alpe d'Huez
Net voorbij
de bocht naar de Alpe, stond de laatste bevoorrading en mijn vrouw en
zoontje. De achterstand op het schema bedroeg slechts veertien
seconden!! "Doorrijden Papa" riep Dennis (9 jaar), "dan kun je het nog
halen". De overige supporters moesten lachen, ik ook maar als een boer
met kiespijn, want ik moest de Alpe nog opfietsen en de benen voelden
onheilspellend slecht. Dit bleek enige honderden meters later, toen de
echte klim begon. De teller zakte onder de psycholgische grens van 10
Km/uur. Ondanks de aanmoedigingen van de vele supporters (meestal van
het zwakke geslacht, hoewel ik mij daar nu ook toerekende) ging het
gewoon niet harder. "Finish á 14 Km" vermelde een bord. Dat kan toch
niet, de bekimming is toch slechts 13,6 Km en ik had er al wat opzitten.
De moed zonk mij in de schoenen: het goud was niet meer te halen.
Zilver!
Onderweg
werd regelmatig drinken aangeboden, waar ik alle keren gebruik van
maakte. Bij een temperatuur van 34 graden in bochtnummer 13 begon ik
mijzelf af te vragen waar ik af zou stappen, want in één keer dit
traject afrijden ging niet lukken. In bocht zes was het zover, nadat ik
al diverse renners gepasseerd was, die kermend van de pijn op de
wegzaten met krampen, stapte ik af om bij te komen. Kon ik gelijk van
het prachtige uitzicht genieten. Hier heb ik 10 a 15 minuten pauze
genomen. Toen ik meende dat ik de rest van de beklimming nu wel af kon
maken ben ik weer opgestapt en naar de finish gereden. Terwijl ik onder
het doek doorreed keek ik op mijn teller: 9 uur en 59 minuten na vertrek
uit Bourg zat de klus er op. 23 minuten te lang gereden om het gouden
brevet te mogen ophalen.
Bovenop de
Alpe was het erg druk. Het ophalen van het brevet was pas mogelijk 15
minuten, nadat je de finish was gepasseerd. Eerst de maaltijd maar naar
binnenwerken. Teruggekomen bij de afhaalplaats van de brevetten hoorde
ik, dat sommigen op de Glandon een oponthoud van meer dan een uur hadden
gehad. Hier werd veel stampij over gemaakt, omdat hierdoor goud of
zilver door werden gemist. Ook circuleerde toen het gerucht, dat de
verschrikkelijke valpartij twee levens zou hebben geeist. Achteraf denk
ik niet dat dit waar is, anders hadden we hier wel wat van gelezen.
Met het
brevet in de rugzak begon ik aan de afdaling. "Geen volgwagens op de
route toegestaan" was in diverse talen te lezen op het internet en op
het inschrijfformulier. Daar houd blijkbaar toch niet iedereen zich aan.
De weg was compleet verstopt door naar bovenrijdende auto's, volgepropt
met vrouwen en kinderen, die van de uitgebluste papa een foto wilden
maken. In dit gekkenhuis moesten duizenden naar boven en ook duizenden
naar beneden rijden. Een gevaarlijke opgave, maar het is mij gelukt. Moe
maar voldaan arriveerde ik op de camping.
Analyse
Achteraf
bedenk je natuurlijk waardoor het komt, dat het verwachte goud niet is
gehaald.
Uiteraard
de lekke band. Dit heeft zeker een kwartier gekost (5 Km langzaam
rijden, wisselen en oppompen, banaantje eten en weer oppompen).
Het gedoe
op de Glandon. Mijn inschatting is, dat dit ten opzichte van meteen
doorrijden tenminste 30 minuten vertraging heeft opgeleverd.
Het slechts
met zijn tweeen de afstand tussen Glandon en Telegraph overbruggen
kostte veel energie en het gemiddelde ligt ook lager dan wanneer je dit
met een groep van 30 tot 50 man kunt doen.
Het verzet
op de Galibier en de Alpe d'Huez is met 39 x 26 te zwaar. 39 x 29 past
beter.
Mijn
inschatting is, dat ik met de voorbereiding van dit jaar toch goud moet
kunnen halen. Of er nog een keer die mogelijkheid komt betwijfel ik. De
Marmotte is een bijzondere uitdaging, maar ook een gevaarlijke. Mijn
verwachting is ook, dat de organisatie nooit vlekkelozer zal gaan
verlopen, dan deze keer. De klim- en afdaaltrajecten zijn mooi, maar de
tussentrajecten saai en door het autoverkeer ook gevaarlijk. Vanwege
deze zaken, zal ik haar vermoedelijk niet meer rijden.
Wil je de
Marmotte ook een keer rijden en heb je behoefte aan informatie over de
voorbereiding, voeding, tijdschema's dan kun je die vanzelfsprekend bij
mij halen. Ik ben nog niet zo lang lid, dus voor degenen, die mij niet
kennen: ik rijd op een blauwe Pinarello Gavia (cobaltblauwe stalen
frame) van 16 jaar (!) oud.
vriendelijke groeten,
Hans Bakx